Oude zeikerd

‘Een oude zeikerd ben je aan het worden Pap’!

Bon belde mij, ze stond bij een tuincentrum en vroeg of ik ook kwam ‘een kerstboom kopen’ zei ze enthousiast door de telefoon. Ik som een aantal redenen op om maar geen boom in huis te halen.

‘Geen struik in mijn nieuwe auto’ zeg ik. ‘kom maar met je bus dan’ zegt Bon.

‘Ik werk met kerst’ opper ik, ‘nou en ik ben thuis en mamma komt ook’, zegt Bon.

‘Ik heb niets met dat feest. Die man is tweeduizend jaar geleden overleden’! Zeg ik expliciet tegen haar.

‘Loop niet te zeiken pap, de Spanjaarden zijn ook al vijfhonderd jaar weg uit Leiden toch loop je elk jaar in de stad! Je komt hierheen met je bus, ik betaal de boom ik tuig hem op en af’.

Smiespelen

Tien minuten later parkeer ik mijn bus op de parkeerplaats van Ranzijn. ‘Nou kijk even wat vrolijker we gaan een mooi boompje uitzoeken Pap’, je kunt wel bij de pakken neer gaan zitten maar we gaan er gewoon een gezellig feest van maken’. Zegt Bonnie als we naar de ingang lopen.

Ik vind het stiekem wel leuk om met Bo op stap te gaan. Dochterlief en ik hebben er een sport van gemaakt om naar mensen te kijken. We zien altijd dezelfde dingen en mensen. Tevens denken we hetzelfde bij het observeren van mensen. Bij binnenkomst hebben we al schik. Een ouder echtpaar loopt voor ons. De kerel moppert en de vrouw loopt met haar zure kop ervoor. ‘Kijk Lou en Tiny zijn er ook’ grapt Bon. We lachen net iets te hard, waarop het stel zich omdraait en naar ons kijkt. Beide kijken nóg zuurder nu. ‘Ze zijn al echt in kerststemming’ smiespelen Bo en ik.

‘Ik bouw er wel een huis omheen’ zeg ik als Bonnie een boom aanwijst van rond de vier meter hoog,

‘maar we zouden hem ook in de tuin kunnen zetten’. Uiteindelijk hebben we de boom te pakken die ons beide aanstaat. Als ik de spar oppak realiseer ik mij dat ik beter een kar had mee kunnen nemen.

Als we bij de kassa staan laat de dame voor ons een aantal nog net niet afgerekende kerstballen vallen op de grond. Zij probeerde nog al jonglerend een bal te redden. De bal vliegt van de ene hand naar de andere maar klettert dan ook uiteindelijk stuk op de betonnen vloer. ‘Je kunt niet alle ballen hoog houden bedenk ik mij’. Het was zo koddig dat ik wel moest lachen. Ik simuleer een hoestaanval om maar niet beticht te kunnen worden van leedvermaak. Bonnie houdt haar lachen met moeite in. Het glas knispert onder onze voeten als wij mogen afrekenen.

Spikkel

De boom gaat in de bus en we rijden het parkeerterrein af.

Spikkel schrikt zich te pletter als ik binnen kom met de boom. ‘Weer een trauma rijker kat’ zeg ik als ik de boom neergooi in de huiskamer. Spikkel vlucht naar boven.

Bonnie en ik tuigen met veel lol de boom op. Als we klaar zijn komt Spikkel even kijken.

Als hij kon praten -zou een kat wel met mensen willen praten?- zou hij zoiets zeggen als ‘ik ben in een gekkenhuis terecht gekomen’.

Fijne dag allemaal. 

%d bloggers liken dit: