Alzheimer

Bijzondere gesprekken op de zondagmorgen. Ik heb ze soms. Ik had Jolanda al een tijdje niet gezien. Jolanda is een grote goedlachse vijftiger. Type ruwe bolster blanke pit. Zij werkt bij een transportfirma waar ik op zondagmorgen de boel mag schoonmaken. Een mooi bedrijf waar ik al jaren kom met een gemêleerd gezelschap aan rijdend personeel. De anders zeer aanwezige Jolanda zit stilletjes in de kantine als ik binnenkom. In haar uppie. Ze staart wat afwezig in haar beker met koffie. Ik groet haar als ik mijn entree maak. “Mogge Maurice” zegt ze timide. Ik zie dat ze niet lekker in haar vel zit. Ik pak een bak koffie en ga tegenover haar zitten aan de tafel. “Gaat ie wel” vraag ik. Hoofdschuddend zucht ze “nee niet zo Mau”. Vervolgens verteld ze haar verhaal. Nou verteld. Ze loopt af als een stuk opwindspeelgoed. “Ik heb de afgelopen weken mijn vader verpleegd, hij had al jaren Alzheimer ineens ging hij hard achteruit. Ken je dat Alzheimer? Afgelopen vrijdag heb ik hem begraven.” Ik ken de ziekte helaas. In korte tijd heb ik op tastbare afstand van twee mensen afscheid moeten nemen die leden aan deze ziekte.

Sluipmoordenaar

De aandoening is een sluipmoordenaar. Aanvankelijk is er nog redelijk mee te leven. We hebben zelfs nog gelachen om de vergeetachtigheid. Als is het lachen dan al een soort geraffineerd en verholen huilen kan ik je vertellen. Ik heb in beide keren afscheid moeten nemen zonder te rouwen omdat de geliefde nog leven. In het laatste stadium van deze ziekte verblijven de schimmen die deze ziekte ondergaan in een periode tussen leven en dood. Een goed leven is het niet meer en van waardig sterven is ook geen sprake. Jolanda tuurt even naar buiten en kijkt over het terrein waar de vrachtwagens staan. “Heb je gezien wat ze met Sven hebben uitgevreten?” Ik kijk over de parkeerplaats maar zie niemand. “Mijn Scania! Er zit een kras over de hele laadbak en de dader ligt weer op het kerkhof.” zegt ze fel. Ze neemt een slok koffie en schuift haar pakje zware shag heen en weer over tafel en vervolgd haar verhaal.

Dementie

“Het was een ouwe zeikerd. Maar het was mijn ouwe zeikerd he! Mijn vader.” We kijken elkaar even aan ik zie hoe haar ogen beginnen te tranen. Met een snik in haar stem verteld ze verder. “Het was een mooie dienst en er waren veel mensen. Maar het nam de pijn niet weg. De laatste weken waren moeilijk. Ondanks zijn dementie wist hij dat hij ging sterven. Ik voelde zijn boosheid onmacht en verdriet. Geloof mij het was geen mooi levenseinde. Geen tunnel waarin iemand naar het witte licht toe wandelt.” Beide staren in ons bekertje koffie. We zwijgen even en kijken dan weer naar buiten voor een minuut of twee. Soms is zwijgen de beste communicatie. “Ik ben gistermorgen weer begonnen. Ik heb Sven even lekker vertroeteld. Gewassen en gepoetst. Hij zag er niet uit. Vrijdag gaan ze de kras eruit halen.” zegt ze terwijl ze bijna verliefd naar haar Scania kijkt. Het blijft raar truckers die hun auto een naam geven. Maar ik veroordeel niets. Al zou ik soms een Scania willen zijn.

wc schoongemaakt

Jolanda slaat haar bakkie achterover en pakt haar telefoon en shag en staat op. Terwijl ze haar stoel aanschuift vraagt ze aan mij “heb je de wc al schoongemaakt Maurice.”“ja” zeg ik. “Mooi dan ga ik die nu even lekker bevuilen en dan ga ik echt rijden.” Deelt ze mij mede terwijl ze naar de gang loopt richting de toiletten. Als ik even later de kantine aan het stofzuigen ben zie ik hoe Jolanda het terrein afrijd.

Toet. Zwaai. Stoere Jolanda.

%d bloggers liken dit: