De brief

‘Pap kan jij mij helpen met het schrijven van een brief’ ? Vroeg mijn oudste dochter Bon mij vanmiddag. ‘Pfoe zeg, daar vraag je mij wat’ antwoordde ik. ‘Ik heb volgens mij nog nooit een brief geschreven in mijn leven’. Dat is ook zo. Ik schaam mij niet om te zeggen dat ik pas op latere leeftijd heb leren lezen en schrijven. Nou ja een beetje fatsoenlijk dan. Dingen zijn nu eenmaal zo gelopen in mijn leven. Maar het is niet helemaal de waarheid. Ik heb ooit met hulp van vriendin Mandy een sollicitatiebrief geschreven. Na een middag steunen en zuchten kregen Mandy en ik toch letterlijk iets op papier wat er betamelijk uitzag. Ik herinner mij vooral nog de discussie die Mandy en ik hadden over het wel of niet beginnen van een zin met het woord ‘En’. Uiteraard heb ik het schrijven destijds gewoon ondertekend met mijn eigen naam: Maurits Knegt. Tegenwoordig stuur je een mail. Iets wat toch informeel aandoet. Maar goed. Het bedrijf waar ik solliciteerde wilde per se een handgeschreven brief hebben. Gericht aan de personeelschef van het hoofdkantoor. Ik, nou dus wij klommen in de pen.

Fabeltjeskrant

Ik kende het filiaal waar ik solliciteerde goed. Het was een groothandel in automaterialen waar ik wekelijks onderdelen kwam halen. Ik was destijds automonteur bij een taxifirma. Ik was kind aan huis bij de groothandel en wist in het magazijn beter de weg dan de vaste medewerkers. Zeker als het om de Mercedes onderdelen ging. Ik gaarde meestal zelf bij elkaar wat ik nodig had. Nu zat ik even ‘between jobs’ en had het hoofdkwartier van deze grossier van uitlaten en remblokken een brief gestuurd of ik alsjeblieft bij hun mocht komen werken. Ik had zelfs de term ‘Hoogachtend’ gebruikt. Kan dat woord tegenwoordig nog wel ? Mijn brief werd doorgestuurd naar de filiaalmanagers Jan en Pieter. In de brief had ik uiteraard vermeld dat ik bekend was met het betreffende filiaal en dat hun professionaliteit mij erg aansprak. Dat laatste was net zo gelogen als mijn bijgevoegde CV, een editie van de fabeltjeskrant bevatte meer waarheden dan mijn curriculum vitae.

Leidse accent

Jan en Pieter hadden mijn brief aandachtig bestudeerd en vonden mij wel een geschikte kandidaat. Alleen had het duo geen idee wie ik was. ‘Maurits Maurits…MC Knegt wie is dat dan’? Hadden zij zich krabbend achter hun oren afgevraagd. Ook navraag bij monteurs die aan de balie onderdelen kwamen halen bood geen soelaas.Als een paar dagen later mijn mobieltje overgaat kijk ik op het schermpje. De beller heeft zijn nummer verborgen. Ik neem mijn telefoon toch maar op. ‘Goedemorgen met Maus’ zeg ik als ik opneem. Het is even stil aan de andere kant van de lijn maar dan herken ik de stem van Pieter die verbaast vraagt ‘Hey Mauhs heet jij Maurits dan’?’ Ja dat wist jij niet hé ‘ is mijn respons. Het is weer even stil en dan hoor ik Pieter naar Jan in zijn platte Leidse accent door het magazijn schreeuwen: ‘Juh Jan het is Mauhs van de Taxi’. Jan zijn antwoord vanuit de loods is resoluut. Ik hoor hem op de achtergrond terug schreeuwen ‘Heet ie Maurits dan? Zaterdag beginnen! Laat hij werkschoenen meenemen’.

Spelfouten

Ik had mij -achteraf gezien- de moeite van het schrijven kunnen besparen. Dit was wel een erg snel sollicitatiegesprek zeg.Oh ja wat ik wilde vertellen. Samen met Bon heb ik een brief opgesteld vanmiddag. Het zijn van die dingen die stiekem toch leuk en spannend zijn om de doen met je dochter. Toen ik het terug las was ik dik tevreden. Ik zag geen kromme zinnen of spelfouten. En wat dan nog?!

%d bloggers liken dit: