Trouwringen I

Op uitnodiging van een klant was ik laatst bij een expositie van een kunstenaar.  Mijn nieuwsgierigheid was gewekt. Het bleken achteraf gezien kunstuitingen te zijn met een hoog ‘dat kan mijn nichtje van vier jaar oud ook gehalte’.

Dat is eigenlijk lullig om te zeggen. Heel lullig zelfs.

De rondleiding voert langs bont gekleurde doeken. ‘we komen nu bij het hoogtepunt van deze expositie’ zegt mijn klant. We houden halt voor een groot doek. Twee bij twee meter schat ik. Op het doek zijn allemaal vierkantjes geschilderd in diverse kleuren geel. Okergeel, donkergeel, lichtgeel, maisgeel. Te geel om op te noemen. Na een halve minuut erger ik mij groen en geel aan het tableau én aan de uitleg die ik erover krijg. Tot mijn stomme verbazing hoor ik dat het stuk uit de beginperiode van zijn kunstenaarsbestaan is geschilderd, ook wel zijn ‘blauwe periode’ genoemd. Ik dacht er even kort over na:  ‘een geel schilderij uit zijn blauwe periode’. Ik snapte er niks van.

Contradictio in terminus, heet zoiets. De gebruikte woorden spreken elkaar tegen. Ik ken er nog een paar: plastic blikje, fucking for virginity, Duitse humor, bommen voor de vrede en scheiden om je relatie te redden.

Die laatste klopt dan weer wel. Hester en ik zijn gescheiden. Ons huwelijk is ontbonden. Voor onze omgeving was het een donderslag bij heldere hemel. Na vijfendertig jaar zonder -bijna letterlijk-  geen stap bij elkaar vandaan geweest te zijn is het onwerkelijk geachte bewaarheid geworden. ‘Wat is er gebeurd’ vroegen mensen uit onze omgeving. Gaat jullie niets aan! Het is niet zonder slag of stoot gegaan, kan ik je wel vertellen. Verwijten, boosheid, verdriet tot aan kantoormeubilair wat door de lucht vloog. Vijfendertig jaar geen ruzie in twee weken goedgemaakt. Dan breekt er gelukkig ook een periode van berusting aan. Die moet er ook zijn. Want naast het hartverscheurende is er een praktische kant die netjes afgewikkeld moet worden. Ik val je er verder niet mee lastig. De verdeling is gelukt, in harmonie ook nog. Nou ja bijna harmonieus, op een bloemenvaas na is het verdelen gelukt. Ik zit nog wel met een nare vlek op het behang.

In harmonie

Ik ben mijn echtgenote kwijt. Maar ik heb mijn vriendinnetje weer terug.

Gisteravond trok ik het niet. Ik was alleen thuis, mijn kat Spikkel was sikkeneurig en eigenlijk was ik niet happy. ‘Kom hierheen ik heb toastjes neem beleg mee en je eigen drinken’, zei Hester door de telefoon toen ik haar klagend belde, ‘je kan blijven crashen ook’.

Hester en ik hebben gisteravond een goed gesprek gehad leuke spelletjes gedaan en ouderwets gelachen. Ik ben blijven slapen, na een kort gevecht om de deken, die ik steevast verlies van het ‘zwakke geslacht’ wil ik nog even napraten op bed. ‘Hey’? Zeg ik. ‘Nu niet ik heb hoofdpijn’. ‘Hes hou alsjeblieft je kop, nee ik vond onze trouwringen’ zeg ik ‘symbool van onze liefde. Ik ga daar iets mee doen…’ Een antwoord krijg ik niet. Ik was het bijna vergeten. Hester slaapt voordat ze haar kussen raakt. Ik lig nog even op mijn rug en laat de leuke avond bezinken.

‘Onze echtscheiding is niet het einde geweest van onze vriendschap’ denk ik bij mezelf. Tis een beetje moeilijk te verwoorden. Ik kom er later nog even op terug.